Een van de grote problemen van economisch beleid is dat er meer doelstellingen zijn dan instrumenten om ze te halen, waardoor men al te dikwijls moet schipperen tussen de doelstellingen. In het ideale geval lopen die mooi samen, waardoor het beleid erg eenvoudig en helder wordt. Het bestrijden van monopolies leidt bijvoorbeeld tot lagere prijzen en meer werkgelegenheid, waardoor je meerdere vliegen in een klap slaat. Maar meestal is het niet zo eenvoudig en moeten we een mug laten vliegen om een vlieg goed te kunnen slaan.

Dat is ons probleem vandaag. Het hoofddoel van de Europese Centrale Bank (ECB) is een inflatie zo dicht mogelijk bij, maar onder 2 procent. Dat is op zich al moeilijk genoeg en de ECB heeft alle moeite van de wereld om dat te bereiken. De laatste vijf jaar blijft de eurozone te ver onder 2 procent. Het probleem is dus niet dat de inflatie te hoog ligt, zoals criticasters wel eens beweren, maar net dat ze veel te laag ligt en dat het de grootste moeite kost om ze op te krikken tot het gewenste niveau.

Daarnaast is de ECB ook verantwoordelijk voor de stabiliteit van ons financieel systeem en het toezicht op de banken. Tussen die twee taken ontstaan steeds grotere conflicten. Het erg soepele monetaire beleid van de ECB om de inflatie op peil te houden, vergroot de kans op financiële luchtbellen in de vastgoedsector en de financiële markten en leidt dus tot systemische risico’s. Daarnaast legt de lage rente ook enorm veel druk op het zakenmodel van vooral kleinere banken en dat heeft gevolgen voor het bankentoezicht.Laten we vooral de weinige instrumenten die we nog hebben zo goed mogelijk gebruiken om zoveel mogelijk doelstellingen te halenDeel opTwitter

Je kan je vragen stellen bij de keuze om het systemisch toezicht en het bankentoezicht bij dezelfde instelling te leggen. Het voordeel is dat de ECB alle informatie heeft om die taken goed te vervullen, maar het nadeel is dat de verschillende doelstellingen niet erg consistent zijn, wat leidt tot wrijvingen en moeilijke afwegingen. Laten we om de vlieg van de inflatiedoelstellingen te slaan de muggen van systemische stabiliteit, een gezond banksysteem en normale huizenprijzen vliegen?

One size fits all

Er is ook een probleem met het ‘one size fits all’-gehalte van de inflatiedoelstelling. De ECB viseert de gemiddelde inflatie in de eurozone over alle landen en sociale klassen heen. Dat is moeilijk, want dan moeten die landen voldoende symmetrische economieën hebben. Anders zien we misschien in het ene land oververhitting en hoge inflatie, terwijl het andere economische afkoeling of recessie kent. De ECB kan daar weinig aan doen omdat haar handen gebonden zijn door de gemiddelde inflatiedoestelling.

Over het verschil tussen sociale klassen en inkomensgroepen hebben we sowieso nog niet zo goed nagedacht. Het ‘one size fits all’ van de ECB vereist impliciet ook symmetrie van het monetair beleid over de verschillende inkomensgroepen heen. Nochtans verschilt het consumptiepatroon van mensen met een verschillend inkomen, waardoor hetzelfde monetair beleid tot verschillen in inflatie per groep en dus tot een ongewenste herverdeling kan leiden.Het milieubeleid en het monetair beleid zijn nodig om hun eigen doelstellingen te bereiken, maar leiden tot een omgekeerde herverdeling die het draagvlak ondermijntDeel opTwitter

Ook andere beleidsdomeinen, zoals het milieubeleid, delen in de klappen. Neem de recente prijsverhogingen door keuzes in het milieu- en het monetair beleid. Duurdere fossiele brandstoffen, energie en huishuur wegen zwaarder door in het consumptiepakket van mensen met lagere inkomens. Zij zien hun koopkracht dus dalen in vergelijking met mensen met hogere inkomens.

Het milieubeleid en het monetair beleid zijn nodig om hun eigen doelstellingen te bereiken, maar leiden tot een omgekeerde herverdeling die het draagvlak ondermijnt. Dat is niet het probleem van het milieubeleid, want dat streeft terecht naar een beter milieu, en dat is evenmin het probleem van de ECB, want die streeft terecht naar een gemiddelde inflatie voor de hele eurozone. Het is ook niet het probleem van de gele hesjes, want die zijn terecht boos op de omgekeerde herverdeling.

We kunnen dit oplossen door mensen met lagere inkomens minder te belasten op hun loon en door sociaal beleid te voeren, via bijvoorbeeld sociale woningen of huursubsidies. Beleid is moeilijk en wringt, maar laten we vooral de weinige instrumenten die we nog hebben zo goed mogelijk gebruiken om zoveel mogelijk doelstellingen te halen. Doen!